Controles moeder

Samen met de kraamverzorgster houden wij goed in de gaten of je lichaam goed herstelt van de bevalling. We letten daarbij op de hoeveelheid bloedverlies, temperatuur, bloeddruk, borstvoeding, mictie- en defecatiepatroon, eventuele hechtingen en algeheel welbevinden. Indien er zich problemen voordoen, neem dan altijd contact met ons op. Wij zullen je adequaat helpen of eventueel hulp hiervoor inschakelen vanuit andere disciplines.

Bloedverlies

De eerste dagen na de bevalling is het normaal dat je nog bloedverlies hebt. De plaats waar de placenta heeft vastgezeten in de baarmoeder is na de bevalling een wond. Het kan zijn dat je in de eerste dagen na de bevalling stolsels verliest. Dit is normaal en ze kunnen zo groot zijn als een vuist. Verlies je zoveel bloed dat het maandverband steeds binnen een kwartier vol is, neem dan contact met ons op. Wij raden je aan regelmatig te plassen, hierdoor kan de baarmoeder goed samentrekken. Op deze manier wordt het bloedverlies steeds minder.

Zodra je lichamelijk weer wat actiever wordt ga je vaak tijdelijk iets meer vloeien. Dit is normaal. De bedoeling is dat het vloeien door de weken heen geleidelijk aan minder wordt.
In de loop van het kraambed zal helderrood bloedverlies overgaan in donkerbruin bloedverlies en steeds minder worden tot het uiterlijk na 6-8 weken na de bevalling helemaal verdwijnt.

Baarmoeder

De kraamverzorgster zal gedurende de kraambedperiode iedere dag naar de stand van de baarmoeder voelen. Belangrijk is dat je hiervoor een lege blaas hebt. De baarmoeder hoort na de bevalling hard aan te voelen en in de loop van het kraambed steeds kleiner te worden om vervolgens achter je schaambeen te verdwijnen.

Sommige vrouwen voelen het samentrekken van de baarmoeder duidelijk met name tijdens het geven van borstvoeding. Deze naweeën kunnen behoorlijk pijnlijk zijn. Hiervoor mag je gerust paracetamol slikken.

Hechtingen

Indien je hechtingen hebt zal de kraamverzorgster deze ook elke dag controleren. Het is belangrijk om je hechtingen goed te verzorgen. Dit kan je doen door na ieder toiletbezoek de hechtingen onder de douche of met een kan water goed schoon te spoelen en regelmatig het kraamverband te verschonen. Ook is het goed om dagelijks de wond een tijdje te “luchten”. Dit doe je door met de onbedekte wond op bed te liggen. Dit zorgt voor een snellere wondgenezing. Op deze manier voorkom je infecties.
Meestal zullen de hechtingen vanzelf oplossen. Als de hechtingen erg irriteren of de wond is erg pijnlijk kunnen wij de hechtingen op dag vijf na de bevalling ook verwijderen.

Plassen

Het is belangrijk dat je binnen acht uur na de bevalling geplast hebt. Dit omdat een volle blaas ervoor zorgt dat de baarmoeder niet goed kan samentrekken waardoor het bloedverlies kan toenemen. Probeer de eerste dagen regelmatig te plassen bijvoorbeeld elke keer voordat je voeding gaat geven. Het kan zijn dat het gevoel te moeten plassen de eerste dagen ontbreekt. Indien je niet binnen 8 uur na de bevalling geplast hebt kun je het beste contact met ons opnemen.

Temperatuur en hartslag

De temperatuur en hartslag worden 1 tot 2 keer per dag door de kraamverzorgster gecontroleerd. De temperatuur wordt bij voorkeur rectaal gemeten omdat hij dan het meest betrouwbaar is.
Een temperatuursverhoging tot 38 graden Celcius wordt rond de 3-4-5e dag meestal veroorzaakt door stuwing van de borsten. Indien je koorts krijgt in het kraambed (dat wil zeggen een temperatuur vanaf 38 graden Celsius) neem dan altijd contact met ons op.

Stuwing

Vanaf de tweede dag na de bevalling gaat de omvang van de borsten toenemen. In eerste instantie gaat het om bloedstuwing door de snelle groei van de bloedvaten. Dit merk je doordat de borsten zwaar en warm worden. Bovendien voel je de bloedvaten kloppen in de borsten. Om de bloedstuwing te verlichten kan het helpen om een stevige BH te dragen. Koude kompressen kunnen helpen tegen de warmte, evenals witte koolbladeren in de BH. De kraamverzorgster kan je nog meer tips geven.
Na de bloedstuwing volgt de melkstuwing. De melkklieren komen dan vol met melk, dit zorgt soms voor rode en harde plekken in de borsten. Doordat de borsten zo gespannen zijn kan het voor je baby lastig zijn de tepel goed te pakken. Heb je last van melkstuwing neem dan voor de voeding rustig de tijd. Je kunt eventueel voor de voeding een warme douche nemen. De melk gaat dan vanzelf stromen en de eerste spanning is van de borsten af. Een beetje melk afkolven kan ook verlichting geven.
Ook indien je flesvoeding geeft kun je de eerste dagen last krijgen van stuwing. Bovenstaande adviezen kunnen dan ook helpen om verlichting te geven.

Algemeen welbevinden

Ik vind het belangrijk om in het kraambed samen met jullie het verloop van de bevalling te bespreken. De bevalling en het kersverse moederschap brengen de nodige emoties met zich mee. Die emoties kunnen per dag verschillen in positieve en negatieve zin. De kraambedperiode hoeft niet altijd een roze wolk te zijn. Door een zware bevalling, de hormoonomslag in je lichaam en de vele emotionele gebeurtenissen in deze periode kunnen er regelmatig kraamtranen komen. Heb je nog vragen over de bevalling of het kraambed stel deze dan gerust aan ons of aan de kraamverzorgster.

Controles baby