Vlokkentest

Met de vlokkentest kan onderzocht worden of het ongeboren kind een chromosoomafwijking, een DNA afwijking of een stofwisselingsstoornis heeft. De test wordt gedaan tussen de 11 en 14 weken zwangerschapsduur.

Bij dit onderzoek wordt een beetje weefsel van de moederkoek uit de baarmoeder weggenomen. Dit weefsel ziet er vlokkig uit; vandaar de naam vlokkentest. Het wegnemen van het weefsel kan op twee manieren gebeuren: via de vagina of via de buikwand.

Via de buikwandvia_buikwand
Als het weefsel wordt weggenomen via de buikwand, gebeurt dit met een naald. Met een echo-apparaat wordt de juiste plaats bepaald voor het inbrengen van de naald via de onderbuik.
Via de vaginavia_vag
Als het weefsel wordt weggenomen via de vagina, gebeurt dit met een dun tangetje of slangetje. U ligt hierbij op een gynaecologische onderzoeksstoel en er wordt een speculum (eendenbek) ingebracht in de vagina. Met behulp van een echo-apparaat kan de arts zien waar de moederkoek zit en zo wat weefsel wegnemen.

In het vlokkenweefsel zitten cellen die bijna altijd (98 tot 99 op 100) hetzelfde erfelijk materiaal bevatten als de cellen van het ongeboren kind. In het laboratorium worden de cellen bewerkt voor onderzoek. Meestal is de uitslag binnen twee weken bekend.
Als uit de uitslag afwijkend blijkt te zijn en er is sprake van dat jouw kind een chromosoomafwijking en/of andere afwijking heeft, dan krijg je op korte termijn een afspraak met een gynaecoloog, een klinisch geneticus en/of een andere kinderspecialist. Je hoort dan wat de aandoening van je kind inhoudt, wat de consequenties zijn en wat voor behandeling na de geboorte nodig is.
Afhankelijk van de aard van de aandoening en van de zwangerschapsduur, zal ook met je worden besproken of je de zwangerschap wilt uitdragen of laten afbreken. Als je dat wilt zal een maatschappelijk werkster je begeleiden bij het maken van een bewuste beslissing en in het vervolg tijdens je zwangerschap. Natuurlijk kun je in zo’n geval ook altijd bij ons terecht voor vragen en/of mentale steun.De vlokkentest kent voor- en nadelen, hieronder staan er een aantal genoemd.

Voordelen

  • Het onderzoek kan in 98 tot 99 van de 100 gevallen zekerheid geven of je kind wel of niet een chromosoomafwijking heeft.
  • Het onderzoek vindt vroeg in de zwangerschap plaats, en de uitslag is relatief snel bekend. Als je besluit de zwangerschap af te laten breken, kan dit vaak nog via vacuüm-curettage.

Nadelen

  • Een vlokkentest brengt een kleine kans op een miskraam met zich mee. Deze kans is ongeveer vijf op de 1000 onderzoeken.
  • In vergelijking met de vruchtwaterpunctie is de kans op een onduidelijke uitslag van chromosoomonderzoek na een vlokkentest groter. Deze is 10 tot 20 per 1000 onderzoeken vergeleken met twee per 1000 onderzoeken na een vruchtwaterpunctie.
  • In vergelijking met de vruchtwaterpunctie is er een iets grotere kans op een miskraam.
  • Een vlokkentest vindt vrij vroeg in de zwangerschap plaats. Soms worden hierbij chromosoomafwijkingen gevonden in een zwangerschap die enkele weken later toch in een spontane miskraam zou zijn geëindigd. Je komt dan voor de moeilijke beslissing te staan om de zwangerschap wel of niet af te laten breken, terwijl een miskraam je deze moeilijke beslissing had bespaard. Daar tegenover staat dat de oorzaak van de miskraam soms onduidelijk blijft als er geen vlokkentest is gedaan. Het bepalen van de oorzaak is van belang omdat dit veel kan zeggen over de kans op meer miskramen bij toekomstige zwangerschappen.

Meer informatie kun je lezen op de website van het RIVM