Drugs

Net als alcohol en de schadelijke stoffen in tabaksrook, komen drugs in het bloed van een ongeboren baby terecht. De risico’s hiervan verschillen. Elke moeder en elk kind reageert weer anders op de drugs. Ook hangen de risico’s af van het middel en van de fase in de zwangerschap. Het roken van hasj en wiet kan bijvoorbeeld een groeiachterstand en concentratieproblemen bij het kind veroorzaken. Speed en cocaïne kunnen ervoor zorgen dat de placenta tijdens de zwangerschap loslaat. Het gebruik van drugs is nooit veilig. Daarom is het advies om tijdens de gehele zwangerschap helemaal geen drugs te gebruiken.

Als je borstvoeding geeft is het belangrijk om geen drugs te gebruiken. Drugs blijven langer in de borstvoeding dan alcohol. Drugs kunnen via moedermelk bij je baby terecht komen. Dit kan gevolgen hebben voor de ontwikkeling en het gedrag van je kindje. Een baby kan allerlei klachten krijgen door drugs in de moedermelk. Bijvoorbeeld diarree of braken, maar ook een hoge bloeddruk of ademhalingsproblemen.

Misschien heb je toch iets gebruikt terwijl je zwanger bent of borstvoeding geeft. Mocht dit het geval zijn bespreek het dan met ons. Samen kunnen we kijken of bijvoorbeeld extra controles nodig zijn en of wij je kunnen helpen te stoppen met de drugs. Je kunt ook altijd bellen met de Drugs Infolijn.

rad-infolijn

Download hier de folder als Pdf.